ECLI:NL:RBDHA:2023:9726
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag
Verzoeker diende op 18 november 2022 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 2 april 2022. De staatssecretaris nam op 27 maart 2023 een inwilligend besluit, waarna verzoeker het beroep op 28 maart 2023 introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank oordeelt dat de wettelijke beslistermijn van zes maanden, die op 2 oktober 2022 zou eindigen, rechtsgeldig met negen maanden was verlengd door het WBV 2022/22. Hierdoor was de ingebrekestelling van 5 oktober 2022 prematuur en het beroep niet ontvankelijk.
Omdat het beroep niet ontvankelijk is, is er geen sprake van geheel of gedeeltelijk tegemoetkomen in de zin van artikel 8:75a Awb. De rechtbank wijst het verzoek om proceskostenvergoeding dan ook af als kennelijk ongegrond.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen wegens niet ontvankelijk beroep.