ECLI:NL:RBDHA:2023:9830
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak wegens Dublin-verantwoordelijkheid Frankrijk
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid niet in behandeling is genomen op grond van de Dublin-verordening, waarbij Frankrijk verantwoordelijk wordt gehouden voor de behandeling.
Verzoeker heeft tegen dit besluit beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met de hoofdzaak behandeld.
Gezien de uitspraak in de hoofdzaak (zaaknummer NL23.16498) heeft de voorzieningenrechter geoordeeld dat een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is en heeft het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak is behandeld en Frankrijk verantwoordelijk is voor de asielprocedure.