ECLI:NL:RBDHA:2023:9854
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring klacht tegen verplichte zorg en afwijzing schadevergoeding
Verzoekster diende een klacht in tegen de toepassing van verplichte zorg, waaronder opname in een accommodatie en beperking van bewegingsvrijheid, en verzocht om schadevergoeding voor de periode van 36 dagen verblijf. Zij stelde dat de zorg niet voldeed aan proportionaliteit, subsidiariteit en effectiviteit en dat haar wilsonbekwaamheid onterecht was vastgesteld.
De rechtbank stelde vast dat verzoekster leed aan een ernstige psychische stoornis die leidde tot ernstig nadeel. De verplichte zorg was proportioneel en noodzakelijk, mede gezien het katatone toestandsbeeld en agressie-incidenten. De beslissing tot verplichte zorg was tijdig en correct genomen en schriftelijk vastgelegd. De wilsonbekwaamheid was voldoende onderbouwd en de moeder trad als vertegenwoordiger op.
De klacht werd ongegrond verklaard en het verzoek tot schadevergoeding afgewezen omdat geen onrechtmatigheid of onrechtmatige toepassing van verplichte zorg was vastgesteld. De uitspraak werd gedaan door rechter J.C. van den Dries op 15 juni 2023.
Uitkomst: De klacht tegen verplichte zorg werd ongegrond verklaard en het verzoek tot schadevergoeding afgewezen.