ECLI:NL:RBDHA:2023:9873
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wegens niet-betaling griffierecht in verblijfsvergunningzaak
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin het bezwaar tegen het niet in behandeling nemen van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd niet-ontvankelijk werd verklaard. Tevens heeft verzoeker een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft zonder zitting uitspraak gedaan op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Omdat het griffierecht niet was betaald en de nota retour was gekomen, is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank heeft het verzoek om voorlopige voorziening daarom als kennelijk ongegrond afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens niet-betaling van het griffierecht en niet-ontvankelijkheid van het beroep.