ECLI:NL:RBDHA:2023:9902
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in zaak verblijfsvergunning tijdelijke humanitaire gronden
Verzoeker, van Nigeriaanse nationaliteit, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd op tijdelijke humanitaire gronden. Deze aanvraag werd bij besluit van 26 januari 2023 ambtshalve afgewezen door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Verzoeker maakte bezwaar tegen deze afwijzing, maar dit bezwaar werd bij besluit van 13 april 2023 ongegrond verklaard.
Tegen dit bestreden besluit stelde verzoeker beroep in bij de rechtbank Den Haag en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 13 juni 2023 samen met een gerelateerde zaak.
De rechtbank oordeelde dat nu het beroep is beslist in zaaknummer NL23.11419, een voorlopige voorziening niet langer nodig is. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het beroep inmiddels is beslist.