ECLI:NL:RBDHA:2023:9920
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond wegens niet-ontvankelijkheid bezwaar intrekking verblijfsvergunning
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid tot niet-ontvankelijkverklaring van zijn bezwaar tegen de intrekking van zijn verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd.
De staatssecretaris had het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard omdat eiser geen gronden had ingediend. De gemachtigde van eiser ontkende de ontvangst van een herstelverzuimbrief die verweerder op 19 december 2022 zou hebben verzonden met het verzoek alsnog gronden in te dienen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende aannemelijk had gemaakt dat de herstelverzuimbrief correct was verzonden, onderbouwd met een verzendadministratie en toelichting over het geautomatiseerde verzendproces. Eiser slaagde er niet in dit te betwisten met feiten die de ontvangst redelijkerwijs konden doen twijfelen.
Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van connexiteit. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar is ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.