Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van november 2022. Tijdens de procedure heeft de staatssecretaris de asielaanvraag alsnog ingewilligd, waarna verzoeker het beroep introk en proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank heeft de staatssecretaris in de gelegenheid gesteld te reageren op het verzoek om proceskostenvergoeding, maar deze heeft niet gereageerd. Op grond van artikel 8:75a Awb kan de rechtbank bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming door het bestuursorgaan proceskosten toewijzen.
De rechtbank stelt vast dat de staatssecretaris aan verzoeker is tegemoetgekomen door alsnog een besluit te nemen en acht het verzoek om proceskostenvergoeding gegrond. De proceskosten worden vastgesteld op € 437,50, gebaseerd op een wegingsfactor van 0,5 vanwege de beperkte aard van het beroep, dat alleen ziet op het niet tijdig nemen van een besluit.