ECLI:NL:RBDHA:2024:10043
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor niet-medisch noodzakelijke kosten behandeling CVS en supplementen
Eiser, bekend met het chronisch vermoeidheidssyndroom (CVS) en een autismespectrumstoornis, vroeg bijzondere bijstand aan voor kosten van behandeling in het CVS-centrum, het Centrum voor Functionele Geneeskunde, Thaise massage en supplementen. Het college wees de aanvraag af omdat de kosten niet medisch noodzakelijk zijn volgens artikel 35 van Pro de Participatiewet. De rechtbank behandelde het beroep op 7 mei 2024.
Eiser stelde dat de behandeling verbetering bracht, onderbouwd met een journaal en artsenbrieven, en verwees naar eerdere vergoedingen door een andere sociale dienst. De rechtbank oordeelde dat hoewel mogelijk enig positief effect bestaat, dit niet betekent dat de kosten medisch noodzakelijk zijn. Er ontbraken voldoende wetenschappelijke onderbouwingen en actuele medische rapporten. Het college hoefde geen nieuw medisch onderzoek te verrichten.
De rechtbank concludeerde dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat de kosten noodzakelijk zijn en dat geen bijzondere omstandigheden bestaan om bijstand af te stemmen. Het beroep werd ongegrond verklaard, de afwijzing van de aanvraag blijft in stand, en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van bijzondere bijstand wegens ontbreken van medische noodzaak.