Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[verzoekster] , verzoekster V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 875,-.
Rechtbank Den Haag
Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris niet in behandeling is genomen omdat Litouwen verantwoordelijk wordt gehouden voor de behandeling volgens de Dublinverordening.
Tegen dit besluit is beroep ingesteld en tevens is een verzoek om voorlopige voorziening ingediend. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met een aanverwante zaak op zitting behandeld.
Naar aanleiding van de uitspraak in de bodemzaak is geoordeeld dat een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom is het verzoek afgewezen. Wel is de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoekster, vastgesteld op € 875,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten van € 875,-.