Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser is op 14 mei 2024 in vreemdelingenbewaring gesteld door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid. Hij betwist de rechtmatigheid van deze bewaring en stelt onder meer dat de rechterlijke toetsing niet spoedig heeft plaatsgevonden, dat hij niet tijdig is overgebracht vanuit de politiecel, en dat hij onvoldoende schriftelijk is geïnformeerd over de maatregel.
De rechtbank oordeelt dat de zitting binnen de wettelijke termijn van veertien dagen na ontvangst van het beroepschrift heeft plaatsgevonden, waardoor geen sprake is van strijd met het EVRM of de Terugkeerrichtlijn. Ook is vastgesteld dat eiser dezelfde dag van de politiecel naar het Detentiecentrum Rotterdam is overgebracht, zodat de overbrenging niet onrechtmatig was.
Hoewel de schriftelijke informatievoorziening over de maatregel niet volledig voldeed aan de eisen, is eiser mondeling, met tolk, geïnformeerd en heeft hij geen belang geleden. De staatssecretaris heeft de maatregel voldoende gemotiveerd met zware gronden die niet zijn betwist. De voortvarendheid bij de uitzetting is eveneens voldoende gebleken.
De rechtbank concludeert dat de bewaring rechtmatig is en verklaart het beroep ongegrond. Tevens wijst zij het verzoek om schadevergoeding af en ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.