Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Ambtshalve toetsing
Conclusie
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Op 23 mei 2024 is eiser in vreemdelingenbewaring gesteld door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser betwist deze maatregel en stelt dat niet is voldaan aan de informatieplicht uit artikel 5.3 van het Vreemdelingenbesluit 2000, met name over het uitreiken van een informatiefolder en de inhoud daarvan.
De rechtbank oordeelt dat de folder weliswaar is uitgereikt en begrepen door eiser, maar dat deze niet voldeed aan de eis om schriftelijk en in begrijpelijke taal te informeren over de gronden van bewaring en consulaire bijstand. Dit leidt echter niet tot onrechtmatigheid, omdat eiser mondeling, met tolk, over de gronden is geïnformeerd en zijn belangen daardoor niet zijn geschaad.
De staatssecretaris heeft zwaarwegende gronden aangevoerd, waaronder dat eiser Nederland niet op de voorgeschreven wijze is binnengekomen en dat hij ondanks een vertrekplicht sinds oktober 2023 geen stappen heeft ondernomen om te vertrekken. Deze gronden zijn feitelijk juist en voldoende gemotiveerd. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat een lichter middel dan bewaring volstaat, mede gezien het risico op ontduiking van toezicht.
De rechtbank concludeert dat de maatregel van bewaring rechtmatig is, ook bij ambtshalve toetsing, en verklaart het beroep ongegrond. Tevens wordt het verzoek om schadevergoeding afgewezen en zijn geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.