ECLI:NL:RBDHA:2024:10092
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling na intrekking beroep mvv-aanvraag
Verzoekers dienden een aanvraag in voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis asiel op 10 augustus 2022. Na het niet tijdig beslissen op deze aanvraag, stelden zij de staatssecretaris in gebreke en dienden zij meerdere beroepen in wegens het uitblijven van een beslissing.
De rechtbank verklaarde een eerder beroep gegrond en beval de staatssecretaris binnen een termijn alsnog te beslissen, met een dwangsom bij overschrijding. Het onderhavige beroep werd later ingetrokken, nadat de staatssecretaris op 30 april 2024 alsnog een inwilligend besluit had genomen.
Verzoekers verzochten vervolgens om een proceskostenveroordeling van de staatssecretaris. De rechtbank oordeelde dat het ingetrokken beroep ten overvloede was ingediend en derhalve niet ontvankelijk was. Omdat er geen sprake was van een geheel of gedeeltelijk tegemoetkomen in de zin van artikel 8:75a Awb, wees de rechtbank het verzoek tot proceskostenveroordeling als kennelijk ongegrond af.
Uitkomst: Het verzoek tot proceskostenveroordeling wordt afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid van het beroep.