Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoeker] , verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker stelde op 19 februari 2024 beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 18 juli 2023. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft de aanvraag bij besluit van 17 mei 2024 alsnog ingewilligd. Verzoeker trok daarop het beroep in en verzocht om vergoeding van proceskosten.
De rechtbank overwoog dat de beslistermijn door de inwerkingtreding van het Besluit van 26 januari 2023 (WBV 2023/3) met negen maanden was verlengd, wat rechtmatig was vastgesteld in eerdere jurisprudentie. Hierdoor was de ingebrekestelling van 23 januari 2024 prematuur omdat de verlengde termijn nog niet was verstreken.
Omdat het beroep niet-ontvankelijk zou zijn verklaard indien niet ingetrokken, kwam het verzoek tot proceskostenvergoeding niet voor toewijzing in aanmerking. De rechtbank wees het verzoek dan ook af als kennelijk ongegrond.
Uitkomst: Het verzoek om vergoeding van proceskosten wordt afgewezen omdat het beroep niet ontvankelijk zou zijn verklaard.