ECLI:NL:RBDHA:2024:10240
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep en voorlopige voorziening wegens niet-betaling griffierecht
Deze uitspraak betreft het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening van eiser tegen een besluit van 23 mei 2023. De voorzieningenrechter heeft partijen niet uitgenodigd voor een zitting omdat dat niet noodzakelijk was volgens artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Eiser moest griffierecht betalen voor zowel het beroep als de voorlopige voorziening, in totaal €368,-. De rechtbank heeft eiser meerdere keren aangetekend verzocht dit bedrag binnen de gestelde termijnen te voldoen. Ondanks deze aanmaningen heeft eiser het griffierecht niet betaald en geen geldige reden opgegeven voor het uitblijven van betaling.
Daarom kan de rechtbank het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening niet inhoudelijk behandelen en verklaart zij deze niet-ontvankelijk. Er wordt geen vergoeding van proceskosten toegekend. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter M. Eversteijn op 5 juni 2024.
Uitkomst: Het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening zijn niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.