Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Ambtshalve toetsing
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, werd op 4 juni 2024 in vreemdelingenbewaring gesteld na een strafrechtelijke detentie die op 8 november 2023 begon. Hij stelde dat de staatssecretaris niet had voldaan aan zijn inspanningsverplichting om bewaring te voorkomen. De rechtbank oordeelt echter dat de staatssecretaris al tijdens de strafdetentie relevante stappen heeft ondernomen, waaronder het voeren van een vertrekgesprek en het indienen van een laisser-passer aanvraag.
De staatssecretaris motiveerde de bewaring met het risico dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken en de uitzettingsprocedure zou belemmeren, wat door eiser niet werd betwist. Eiser voerde aan dat een lichter middel, zoals borgtocht of meldplicht, passend zou zijn vanwege zijn medische situatie. De rechtbank vond de medische omstandigheden onvoldoende onderbouwd om detentieongeschiktheid aan te nemen en achtte een lichter middel niet toereikend vanwege het onttrekkingsrisico.
De rechtbank voerde tevens een ambtshalve toetsing uit en concludeerde dat de maatregel rechtmatig was. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de bewaring van eiser wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.