ECLI:NL:RBDHA:2024:10348
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te vroeg ingediende ingebrekestelling bij asielaanvraag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank heeft partijen laten weten dat een zitting niet nodig is en het onderzoek zonder zitting gesloten.
De kern van het geschil betreft de toepassing van het besluit WBV 2023/3, dat sinds 27 januari 2023 van kracht is en de beslistermijn voor asielaanvragen ingediend tussen 1 januari 2023 en 1 januari 2024 met negen maanden verlengt. Eiser betwist dat de verlenging van toepassing is en stelt dat verweerder niet prematuur in gebreke is gesteld.
De rechtbank volgt het standpunt van verweerder en verwijst naar een eerdere uitspraak waarin is geoordeeld dat de verlenging terecht is toegepast. Omdat eiser zijn aanvraag op 2 oktober 2023 heeft ingediend, geldt de verlengde beslistermijn tot 2 januari 2025. De ingebrekestelling van 3 april 2024 is daarom te vroeg ingediend, waardoor niet is voldaan aan de voorwaarden voor ontvankelijkheid van het beroep.
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen niet tijdig beslissen wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege te vroeg ingediende ingebrekestelling.