Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing:
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft op 27 maart 2024 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 29 oktober 2022. De rechtbank overweegt dat Nederland op 21 juli 2023 verantwoordelijk werd voor de behandeling van de aanvraag, nadat eerst Bulgarije verantwoordelijk was gehouden op grond van de Dublinverordening.
De wettelijke beslistermijn van zes maanden zou op 21 januari 2024 eindigen, maar door een verlenging van negen maanden ingevoerd met de WBV 2023/3 eindigt deze termijn in beginsel op 21 oktober 2024. De rechtbank oordeelt dat de verlenging gerechtvaardigd is, maar dat de maximale termijn van 21 maanden uit de Procedurerichtlijn niet mag worden overschreden, wat betekent dat de uiterste beslistermijn op 29 juli 2024 ligt.
De ingebrekestelling van 12 maart 2024 is daarom te vroeg ingediend en het beroep is niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter S.E. van de Merbel op 5 juli 2024.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroege ingebrekestelling.