Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Iraakse nationaliteit, diende op 13 april 2024 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder verklaarde deze aanvraag niet-ontvankelijk op grond van Eurodac-gegevens waaruit blijkt dat eiser sinds 24 juli 2018 internationale bescherming geniet in Spanje onder een alias.
Eiser betoogde dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet van toepassing is vanwege onvoldoende financiële steun in Spanje, zijn kwetsbare gezondheid, mogelijke discriminatie op de arbeidsmarkt en onzekerheid over zijn verblijfsstatus na langdurig verblijf buiten Spanje. Hij verwees onder meer naar het arrest Ibrahim en het AIDA-rapport over Spanje.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht mocht afgaan op de Eurodac-gegevens en dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij niet langer internationale bescherming geniet. De stellingen over onvoldoende financiële steun en discriminatie waren onvoldoende onderbouwd en konden niet leiden tot het doorbreken van het interstatelijk vertrouwensbeginsel.
De rechtbank benadrukte dat eiser inspanningen moet verrichten om zijn rechten in Spanje te effectueren en klachten moet indienen bij de Spaanse autoriteiten indien nodig. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.