Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft tegen het besluit van 7 mei 2024, waarin zijn asielaanvraag niet-ontvankelijk werd verklaard wegens internationale bescherming in Spanje, beroep ingesteld. Hij verzocht tevens om een voorlopige voorziening die de rechtsgevolgen van het bestreden besluit zou opschorten totdat op het beroep is beslist.
De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan. Omdat de rechtbank op dezelfde dag in een andere zaak (nummer NL24.20403) reeds op het beroep heeft beslist, is een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk.
Om die reden is het verzoek om voorlopige voorziening als kennelijk ongegrond afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het niet-ontvankelijk verklaren van de asielaanvraag is afgewezen.