Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker had beroep ingesteld tegen het besluit van 21 mei 2024 waarbij zijn asielaanvraag niet in behandeling werd genomen omdat Duitsland verantwoordelijk werd geacht. Tevens verzocht hij om een voorlopige voorziening, maar trok dit verzoek op 25 juni 2024 in nadat hij op 3 juni 2024 een verklaring vrijwillig vertrek uit Nederland had ondertekend waarin hij instemde met intrekking van openstaande verblijfsprocedures.
De voorzieningenrechter overwoog dat een proceskostenveroordeling alleen kan worden toegewezen als het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk tegemoet is gekomen aan het verzoek. Dit was niet het geval, waardoor het verzoek om proceskostenveroordeling werd afgewezen.
De uitspraak werd gedaan op 8 juli 2024 door de voorzieningenrechter K.M. de Jager en is definitief, hoger beroep of verzet is niet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenveroordeling wordt afgewezen omdat geen tegemoetkoming door de minister is gebleken.