Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn aanvraag tot verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van gezinshereniging. Nadat verweerder alsnog een besluit heeft genomen en de aanvraag heeft ingewilligd, heeft verzoeker het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van proceskosten.
De rechtbank overweegt dat verweerder door het alsnog nemen van het besluit aan het beroep tegemoet is gekomen. Op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de rechtbank in dat geval de proceskosten vergoeden aan de indiener van het beroepschrift. De rechtbank stelt de proceskosten vast op € 437,50, gebaseerd op de beroepsmatige rechtsbijstand en een wegingsfactor 'licht', aangezien het beroep alleen betrekking had op het niet tijdig beslissen.
Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van het door verzoeker betaalde griffierecht van € 184,-. De uitspraak is gedaan door rechter K.M. de Jager en griffier J. de Winter en is zonder zitting gewezen.
Uitkomst: Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 437,50 en het griffierecht van € 184,- na intrekking van het beroep wegens niet tijdig beslissen.