ECLI:NL:RBDHA:2024:10820

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
11 juli 2024
Publicatiedatum
11 juli 2024
Zaaknummer
NL23.23385 en NL23.23387
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na eerdere uitspraak rechtbank

Verzoekers hebben aanvragen ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bij afzonderlijke besluiten van 9 augustus 2023 zijn afgewezen als kennelijk ongegrond. Hiertegen hebben verzoekers beroep ingesteld bij de rechtbank.

Naar aanleiding van deze beroepen heeft de rechtbank bij uitspraak van 26 maart 2024 al inhoudelijk beslist op de aanvragen. Verzoekers hebben vervolgens een voorlopige voorziening gevraagd om de gevolgen van de afwijzing te stuiten totdat het beroep is behandeld.

De voorzieningenrechter overweegt dat nu de rechtbank al uitspraak heeft gedaan op de beroepen, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Op grond hiervan worden de verzoeken om voorlopige voorziening afgewezen.

De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter D.M. Schuiling en griffier M.A. Buikema, en is geanonimiseerd gepubliceerd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank al uitspraak heeft gedaan op het beroep.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummers: NL23.23385 en NL23.23387

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen

[naam] , verzoeker,

geboren op [geboortedatum]
V-nummer: [nummer]
[naam], verzoekster,
geboren op [geboortedatum],
V;nummer [nummer]
mede namens de minderjarige kinderen:
(gemachtigde: mr. W. Volkers),
en
de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, de minister
(gemachtigde: mr. G.J. Westendorp).

Procesverloop

Bij afzonderlijke besluiten van 9 augustus 2023 heeft de staatssecretaris de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van 26 maart 2024, zaaknummers NL23.23384 en NL23.23386, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op de beroepen. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. D.M. Schuiling, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr.M.A. Buikema, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.