ECLI:NL:RBDHA:2024:10850
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aansprakelijkheid gemeente voor val tijdens werk wegens huis-tuin-keukenongeval
Op 15 augustus 2022 is verzoeker tijdens haar werkzaamheden als uitzendkracht bij de gemeente Den Haag gevallen. Zij stelt dat zij is gevallen doordat een armleuning van een kapotte stoel afbrak, wat leidde tot diverse medische klachten. Verzoeker stelt de gemeente aansprakelijk voor de schade.
De gemeente betwist de aansprakelijkheid en voert aan dat verzoeker van een beensteun is gevallen, een voorwerp dat niet bedoeld is om op te zitten, en dat er geen sprake is van een ondeugdelijke stoel. Tevens wijst de gemeente op pre-existente medische klachten van verzoeker en kwalificeert het ongeval als een huis-tuin-en-keukenongeval.
De kantonrechter oordeelt dat het ongeval inderdaad een huis-tuin-en-keukenongeval betreft en dat de gemeente haar zorgplicht niet heeft geschonden. Verzoeker had moeten inschatten of het voorwerp geschikt was om op te zitten. Omdat geen ondeugdelijke stoel is vastgesteld, is de gemeente niet aansprakelijk. De kosten van het deelgeschil worden begroot op €2.628,00, maar de gemeente wordt niet veroordeeld tot betaling daarvan.
Uitkomst: De rechtbank wijst de aansprakelijkheid van de gemeente af en begroot de kosten, zonder veroordeling tot betaling.