ECLI:NL:RBDHA:2024:10897
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te vroeg ingediende ingebrekestelling bij asielaanvraag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Hij stelt dat verweerder niet tijdig heeft beslist en dat de verlenging van de beslistermijn op grond van WBV 2023/3 niet geldig is.
De rechtbank heeft partijen geïnformeerd dat een zitting niet nodig is en heeft het onderzoek gesloten zonder zitting, omdat partijen geen zitting hebben verzocht. Volgens de wet moet een betrokkene een ingebrekestelling sturen voordat beroep kan worden ingesteld bij niet tijdig beslissen.
De WBV 2023/3 verlengt de beslistermijn voor asielaanvragen ingediend tussen 1 januari 2023 en 1 januari 2024 met negen maanden. De rechtbank volgt het standpunt van verweerder dat deze verlenging terecht is toegepast, mede gelet op eerdere jurisprudentie van 16 februari 2024. Eiser diende zijn aanvraag in op 3 juni 2023, waardoor de beslistermijn verlengd is tot 3 september 2024.
De ingebrekestelling van eiser op 18 april 2024 is daarom te vroeg ingediend. Hierdoor voldoet het beroep niet aan de voorwaarden van ontvankelijkheid zoals bedoeld in artikel 6:12 Awb Pro. De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroeg ingediende ingebrekestelling.