ECLI:NL:RBDHA:2024:11021
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure wegens Dublinverantwoordelijkheid Duitsland
Eiser heeft op 18 november 2023 een asielaanvraag ingediend in Nederland. De minister van Asiel en Migratie heeft op 3 mei 2024 besloten deze aanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag.
Eiser heeft hiertegen op 4 mei 2024 beroep ingesteld bij de rechtbank en tegelijkertijd een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend. De voorzieningenrechter heeft zonder zitting geoordeeld dat nu de rechtbank op hetzelfde moment uitspraak heeft gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL24.19490), een voorlopige voorziening niet langer nodig is.
Daarom is het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 12 juli 2024 door voorzieningenrechter A.J. de Danschutter en is zonder mogelijkheid tot hoger beroep of verzet.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.