ECLI:NL:RBDHA:2024:11214
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardig relaas en veilig land van herkomst
Eiser, een Tunesische nationaliteit dragende persoon, diende op 19 mei 2024 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Deze aanvraag werd door de minister van Asiel en Migratie op 5 juni 2024 afgewezen als kennelijk ongegrond, met daarnaast een terugkeerbesluit en een inreisverbod van twee jaar.
Eiser stelde dat hij vanwege een erfeniskwestie met zijn ooms in Tunesië werd mishandeld en daardoor gevaar liep. Hij vreesde voor zijn leven bij terugkeer. De rechtbank oordeelde echter dat het relaas van eiser ongeloofwaardig was, mede omdat hij zijn verhaal niet met documenten had onderbouwd ondanks voldoende gelegenheid daartoe sinds zijn verblijf in de EU sinds 2022.
Daarnaast werd vastgesteld dat Tunesië een veilig land van herkomst is, en dat eiser niet voldeed aan de criteria voor vluchtelingenstatus. Het beroep op artikel 8 EVRM Pro met betrekking tot het inreisverbod werd eveneens afgewezen, omdat eiser zijn relatie niet voldoende had onderbouwd en het verblijf illegaal was.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om een voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.