ECLI:NL:RBDHA:2024:1123
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen afwijzing asielaanvraag als kennelijk ongegrond
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 10 januari 2024 waarbij zijn asielaanvraag werd afgewezen als kennelijk ongegrond. Hij verzocht tevens om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter behandelde het verzoek op 25 januari 2024 samen met een gerelateerde zaak.
Verzoeker en zijn gemachtigde waren afwezig, terwijl de gemachtigde van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid aanwezig was. De voorzieningenrechter overwoog dat nu de hoofdzaak (zaaknummer NL24.1100) is beslist, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is.
Daarom wees de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door mr. A. Nieuwenhuis en is onherroepelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de asielaanvraag is afgewezen.