ECLI:NL:RBDHA:2024:11303
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toewijzing ontruimingsvordering ouders tegen meerderjarige zoon uit woning
De ouders vorderen in kort geding dat hun meerderjarige zoon de woning aan het adres te [plaatsnaam 1] ontruimt. De zoon woont bij hen in en heeft ondanks herhaalde verzoeken geweigerd de woning te verlaten en een eigen bestaan op te bouwen.
De zoon is tijdig opgeroepen maar verschijnt niet, waardoor verstek wordt verleend. De ouders bieden hem alternatieve woonruimte aan in een appartement onder de voorwaarde van een huurovereenkomst, maar hij gaat hier niet op in.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de ouders niet meer verplicht zijn bij te dragen in het levensonderhoud van hun meerderjarige zoon, die daarom geen recht heeft om in de woning te blijven wonen. De ontruiming wordt toegewezen met een termijn van twee weken na betekening van het vonnis. Tevens wordt bepaald dat de zoon de woning enkel met toestemming van de ouders mag betreden.
De vordering tot machtiging van opslag en vernietiging van goederen wordt afgewezen wegens gebrek aan belang, waarbij wordt vastgesteld dat de ouders de goederen gedurende drie maanden gratis moeten bewaren. Iedere partij draagt de eigen proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming van de meerderjarige zoon wordt toegewezen met een termijn van twee weken na betekening.