ECLI:NL:RBDHA:2024:1136
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing visumaanvraag kort verblijf wegens twijfel tijdige terugkeer uit Syrië
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van haar aanvraag voor een visum voor kort verblijf in Nederland. De minister wees de aanvraag af op grond van twee weigeringsgronden, waarvan tijdens de zitting alleen de twijfel over een tijdige terugkeer overbleef.
De minister baseerde zijn twijfel op de onveilige situatie in Syrië, het ontbreken van economische binding en onvoldoende sociale binding van eiseres met haar land van herkomst. Ook het verschil in opgegeven verblijfsduur en het ontbreken van een garantstellingsverklaring droegen bij aan de twijfel.
Eiseres voerde aan dat de minister onvoldoende had gemotiveerd waarom er twijfel bestond en dat haar sociale binding met Syrië sterk genoeg was. De rechtbank oordeelde echter dat de minister een ruime beoordelingsvrijheid heeft en dat het niet onbegrijpelijk is dat hij twijfel heeft over de tijdige terugkeer van een aanvrager uit een onveilig land.
Daarnaast stelde de rechtbank vast dat de minister terecht afzag van het horen in de bezwaarfase, omdat het bezwaar kennelijk ongegrond was en eiseres niet had gereageerd op een vragenlijst.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waardoor de afwijzing van de visumaanvraag in stand blijft en eiseres geen kostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van de visumaanvraag blijft in stand.