Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker
Inleiding
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft op 3 juni 2024 beroep ingesteld tegen het besluit van 26 juni 2024 waarbij de minister van Asiel en Migratie de asielaanvraag niet in behandeling heeft genomen, omdat Duitsland volgens de Dublin-verordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
Tegelijkertijd heeft verzoeker een voorlopige voorziening gevraagd om het besluit tijdelijk te schorsen. De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83 lid 3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan.
Op 18 juli 2024 heeft de rechtbank in een mondelinge uitspraak in een gerelateerde zaak geoordeeld over het beroep, waardoor een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. De voorzieningenrechter wijst daarom het verzoek af en ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter A.J. de Danschutter en is zonder mogelijkheid tot hoger beroep of verzet definitief.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank reeds uitspraak heeft gedaan over het beroep.