ECLI:NL:RBDHA:2024:11730
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen besluit minister van Asiel en Migratie wegens ontbreken beroepsgronden
De rechtbank Den Haag heeft op 26 juli 2024 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin eiser beroep instelde tegen een besluit van de minister van Asiel en Migratie van 5 juni 2024.
De rechtbank oordeelde dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk was omdat eiser in het beroepschrift geen gronden had vermeld waarop hij het niet eens was met het bestreden besluit. De rechtbank heeft eiser de mogelijkheid geboden om dit verzuim binnen een week te herstellen, maar eiser heeft hier geen gebruik van gemaakt.
Op grond van artikel 6:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht kon de rechtbank het beroep daarom niet-ontvankelijk verklaren. Dit betekent dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk heeft beoordeeld en dat het bestreden besluit in stand blijft.
Er is geen aanleiding tot een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door rechter C.H. de Groot en griffier C. van der Bijl. Partijen kunnen binnen zes weken verzet aantekenen tegen deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van beroepsgronden en het niet tijdig herstellen daarvan.