ECLI:NL:RBDHA:2024:11738

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
26 juli 2024
Publicatiedatum
26 juli 2024
Zaaknummer
NL24.13706
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Proceskostenveroordeling wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag

Verzoekster diende op 3 augustus 2022 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Zij stelde op 28 maart 2024 beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag. Op 29 mei 2024 heeft de minister alsnog een besluit genomen en de aanvraag ongegrond verklaard.

Verzoekster trok daarop het beroep tegen het niet tijdig beslissen in en verzocht om proceskostenvergoeding. De rechtbank oordeelde dat het verzoek gegrond was omdat het besluit alsnog was genomen. De minister gaf aan bereid te zijn de proceskosten te vergoeden, waar verzoekster mee instemde.

De rechtbank veroordeelde de minister tot betaling van € 437,50 aan proceskosten, gebaseerd op de standaardpuntentelling voor het indienen van het beroepschrift. De uitspraak werd gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.

Uitkomst: De minister van Asiel en Migratie is veroordeeld tot betaling van € 437,50 aan proceskosten wegens het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.13706

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam], verzoekster,

geboren op [geboortedatum],
van Libische nationaliteit,
v-nummer: [nummer],
(gemachtigde: mr. P.A.J. Mulders),
en
de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.

Procesverloop

Verzoekster heeft op 3 augustus 2022 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend.
Verzoekster heeft op 28 maart 2024 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar aanvraag.
Op 29 mei 2024 heeft verweerder de asielaanvraag van verzoekster ongegrond verklaard.
Op 4 juli 2024 heeft verzoekster het beroep tegen het niet tijdig beslissen ingetrokken en daarbij verzocht om een veroordeling van verweerder in de proceskosten.

Overwegingen

1. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
2. Op 29 mei 2024 heeft verweerder alsnog een besluit genomen op de aanvraag van verzoekster. Het verzoek is om die reden kennelijk gegrond. Verweerder heeft bij brief van 17 juli 2024 aangegeven bereid te zijn de proceskosten aan verzoekster te vergoeden. Verzoekster is op 18 juli 2024 met het voorstel van verweerder akkoord gegaan.
3. De rechtbank draagt verweerder op de proceskosten aan verzoekster te vergoeden. Toegekend wordt € 437,50 (1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 875,-, bij een wegingsfactor 0,5).

Beslissing

De rechtbank:
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 437,50.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van
mr. B.A. Smit, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.