ECLI:NL:RBDHA:2024:11814
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling van persoonlijke borgstellingsschulden op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen
Eiseres, bestuurder en enig aandeelhouder van twee inmiddels ontbonden B.V.'s, heeft zich persoonlijk borg gesteld voor leningen verstrekt aan deze B.V.'s. Na het niet nakomen van betalingsverplichtingen en het opheffen van de B.V.'s, zijn de schulden op eiseres privé verhaald. Eiseres is als gedupeerde ouder in de toeslagenaffaire in aanmerking gekomen voor betaling van haar schulden op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht).
Verweerder heeft de betaling van deze schulden geweigerd omdat deze volgens hem zakelijke schulden van de rechtspersonen betreffen, die niet onder de Wht vallen. Eiseres betoogt dat de schulden haar privaatrechtelijke verplichtingen betreffen en dat het niet betalen daarvan strijdig is met de doelstelling van de Wht, waaronder het bieden van een nieuwe start.
De rechtbank stelt vast dat de schulden daadwerkelijk op eiseres privé rusten en dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom deze schulden niet voor betaling in aanmerking komen. De rechtbank benadrukt dat de herkomst van de schulden geen rol hoort te spelen bij de beoordeling en dat de memorie van toelichting bij de Wht geen uitsluiting voor deze situatie bevat.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens veroordeelt de rechtbank verweerder tot vergoeding van proceskosten en te veel betaald griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en beveelt verweerder tot herbeoordeling van de betaling van de persoonlijke borgstellingsschulden op grond van de Wht.