ECLI:NL:RBDHA:2024:11930
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in asielprocedure wegens verantwoordelijkheid Kroatië
Verzoekers hebben asielaanvragen ingediend die door de minister van Asiel en Migratie niet in behandeling zijn genomen omdat Kroatië verantwoordelijk werd geacht voor de behandeling. Verzoekers stelden beroep in tegen deze besluiten en vroegen om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat nu de rechtbank reeds uitspraak heeft gedaan op het beroep in gerelateerde zaken, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom zijn de verzoeken om voorlopige voorziening afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is direct bekendgemaakt. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Verzoeken om voorlopige voorziening worden afgewezen omdat de rechtbank reeds uitspraak heeft gedaan op het beroep.