ECLI:NL:RBDHA:2024:12068
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.L.M. Steinebach - de Wit
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Duitsland volgens Dublinverordening
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, diende op 20 december 2023 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in Nederland. De minister nam deze aanvraag niet in behandeling omdat uit Eurodac bleek dat eiser eerder op 2 september 2021 in Duitsland een asielverzoek had ingediend. Nederland verzocht Duitsland om terugname, waarmee Duitsland akkoord ging.
Eiser betoogde dat Zwitserland verantwoordelijk zou zijn omdat hij daar eerder asiel had aangevraagd, maar dit werd niet onderbouwd en Eurodac toonde geen registratie van een aanvraag in Zwitserland. Ook voerde eiser aan dat de opvang en behandeling in Duitsland onacceptabel waren en dat hij vanwege zijn bekering tot het christendom bedreigd zou worden, maar hij overlegde geen bewijsstukken die een zwaarwegende uitzondering op het interstatelijk vertrouwensbeginsel konden onderbouwen.
De rechtbank oordeelde dat de minister terecht uitging van de gegevens van Eurodac en het akkoord van Duitsland, en dat geen reden bestond om af te wijken van het interstatelijk vertrouwensbeginsel. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het besluit tot niet in behandeling nemen bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling.