ECLI:NL:RBDHA:2024:12081
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Nigeriaanse eiser wegens ongeloofwaardig Boko Haram-verhaal
Eiser, een Nigeriaanse asielzoeker, diende op 8 juni 2023 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. De minister wees deze aanvraag op 30 november 2023 af wegens ongeloofwaardigheid van het asielrelaas, met name over de vermeende vervolging door Boko Haram en de Fulani.
De rechtbank behandelde het beroep op 13 juni 2024 en wees meerdere verzoeken tot aanhouding van de zitting af, omdat eiser onvoldoende onderbouwde waarom hij niet kon verschijnen. De rechtbank oordeelde dat het medisch advies van MediFirst zorgvuldig en actueel was en dat eiser ondanks beperkingen kon worden gehoord.
De rechtbank stelde vast dat eiser tegenstrijdig en summier had verklaard over zijn ontvoering en ontsnapping, waardoor zijn verhaal niet geloofwaardig was. De minister had voldoende doorgevraagd en hoefde geen forensisch medisch onderzoek te laten uitvoeren. De minister had ook niet tekortgeschoten in zijn samenwerkingsplicht.
Hoewel het beroep in zoverre ongegrond is verklaard, vernietigde de rechtbank het besluit voor zover het gaat om de toepassing van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet over uitstel van vertrek, omdat de minister ambtshalve opnieuw moet beslissen op grond van medische stukken. De minister is veroordeeld in de proceskosten van €1.750,-.
Uitkomst: Asielaanvraag afgewezen wegens ongeloofwaardig verhaal, maar besluit over uitstel van vertrek op medische gronden vernietigd.