ECLI:NL:RBDHA:2024:12141
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende geloofwaardigheid lidmaatschap geheime gemeenschap
Eiser, een Sierra Leoonse man, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd nadat hij zijn land had verlaten uit vrees lid te moeten worden van een geheime gemeenschap waartoe zijn overleden vader behoorde. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens onvoldoende geloofwaardigheid van het asielrelaas, met name over de persoonlijke problemen met deze gemeenschap.
De rechtbank heeft het beroep op 28 juni 2024 behandeld en oordeelt dat de staatssecretaris de verklaringen van eiser terecht niet volledig geloofwaardig acht. Eiser heeft onvoldoende en tegenstrijdig verklaard over de rol van zijn vader en de geheime gemeenschap, waardoor hij niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning op grond van de Vreemdelingenwet 2000.
Daarnaast is geoordeeld dat de afwijzing van het verzoek om uitstel voor het indienen van correcties en aanvullingen proportioneel en voldoende gemotiveerd was. Ook is het ontbreken van een expliciet referentiekader in het voornemen niet onzorgvuldig, aangezien dit in het bestreden besluit is toegelicht en eiser hierop heeft kunnen reageren.
De rechtbank vindt dat de staatssecretaris voldoende heeft voldaan aan de samenwerkingsverplichting en dat het asielrelaas in onderlinge samenhang is beoordeeld. De ingebrachte aanvullende documenten in beroep, waaronder een brief van de Secretaris Generaal en een rapport over geheime genootschappen, bieden geen ondersteuning voor het relaas van eiser.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.