Uitspraak
Verdeling van vakantie en feestdagen, gezagsuitoefening
Beschikking op het op 22 februari 2024 ingekomen verzoek van:
[de vader] ,
[de moeder] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- het verweerschrift, tevens zelfstandig verzoek;
- het aanvullend verzoek van de vader.
- de vader bijgestaan door zijn advocaat;
- de moeder bijgestaan door haar advocaat;
- [naam 1] namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad).
Verzoek en verweer
Feiten
Beoordeling
Zomervakantie: [minderjarige] verblijft in de even jaren de eerste drie weken bij de
Herfst-/voorjaarsvakantie: [minderjarige] verblijft in de even jaren in de voorjaarsvakantie
Kerstvakantie: in de even jaren verblijft [minderjarige] de eerste week bij haar vader en de
Meivakantie: in de even jaren verblijft [minderjarige] de eerste week bij haar moeder en de
Kerst:[minderjarige] verblijft van 26 december 10.00 uur (tweede kerstdag) tot 27 december
Overige feestdagen:[minderjarige] verblijft in de even jaren met Hemelvaart en Pinksteren
Beslissing
Zomervakantie: [minderjarige] verblijft in de even jaren de eerste drie weken bij de
Herfst-/voorjaarsvakantie: [minderjarige] verblijft in de even jaren in de voorjaarsvakantie
Kerstvakantie: in de even jaren verblijft [minderjarige] de eerste week bij haar vader en de
Meivakantie: in de even jaren verblijft [minderjarige] de eerste week bij haar moeder en de
Kerst:[minderjarige] verblijft van 26 december 10.00 uur (tweede kerstdag) tot 27 december
Overige feestdagen:[minderjarige] verblijft in de even jaren met Hemelvaart en Pinksteren