ECLI:NL:RBDHA:2024:1225
Rechtbank Den Haag
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling met eerdere ingangsdatum
De heer verzoeker bevindt zich in een problematische schuldensituatie en heeft een verzoek ingediend tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). Tevens verzocht hij om de ingangsdatum van de WSNP op een eerdere datum te bepalen. De rechtbank heeft het verzoek behandeld op 29 januari 2024, waarbij verschillende betrokkenen aanwezig waren, waaronder schuldhulpverleners en een beschermingsbewindvoerder.
De rechtbank beoordeelde dat verzoeker voldoet aan de voorwaarden voor toelating tot de WSNP, waaronder het zich in een problematische schuldensituatie bevinden en te goeder trouw zijn bij het ontstaan en onbetaald laten van schulden. Tevens is vastgesteld dat verzoeker aan de verplichtingen van de WSNP zal voldoen. De WSNP duurt in principe achttien maanden, met een postblokkade van dertien maanden.
Verzoeker vroeg om de ingangsdatum van de WSNP vijf maanden voor het vonnis te laten ingaan. De rechtbank overwoog dat sinds 1 juli 2023 de WSNP-termijn kan ingaan op de dag van de uitspraak of op de dag van de eerste aflossing in het kader van een buitengerechtelijke schuldregeling indien die eerder is. Verzoeker had in de vijf maanden voorafgaand aan het vonnis meer afgelost dan het bedrag dat volgens de Vtlb-calculator mocht worden afgedragen. Daarom werd de ingangsdatum vastgesteld op 5 september 2023.
De rechtbank waarschuwde dat indien het gespaarde bedrag niet spoedig op de boedelrekening wordt gestort, dit kan leiden tot een boedelachterstand en verlenging of voortijdige beëindiging van de WSNP zonder schone lei. De rechtbank stelde de WSNP-termijn vast op achttien maanden vanaf 5 september 2023, benoemde een rechter-commissaris en bewindvoerder, en bepaalde dat de bewindvoerder de post mag inzien en een voorschot op vergoeding mag nemen zolang de regeling loopt en de boedel toereikend is.
Uitkomst: Verzoeker wordt toegelaten tot de WSNP met ingang van 5 september 2023, vijf maanden voor het vonnis.