ECLI:NL:RBDHA:2024:12293
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid huwelijk en bedreiging door stam
Eiser, van Jordaanse nationaliteit, vroeg asiel aan na vertrek uit Jordanië wegens bedreiging door zijn stam vanwege zijn voorgenomen huwelijk met een Koerdische vrouw met de Duitse nationaliteit. De minister van Asiel en Migratie wees de aanvraag af wegens ongeloofwaardigheid van het huwelijk en de relatie, en legde tevens een terugkeerbesluit op.
De rechtbank behandelde het beroep en concludeerde dat eiser onvoldoende bewijs leverde voor het bestaan van het huwelijk of de relatie, ondanks zijn verklaringen en het feit dat zijn partner wekelijks op bezoek zou komen en zwanger zou zijn. Ook de dreiging van de stam werd niet aannemelijk geacht omdat het huwelijk niet geloofwaardig was.
De rechtbank volgde de minister in het oordeel dat eiser vaag en summier was over de beweegredenen, de dreiging en het huwelijk. Het ontbreken van ondersteunende bewijsstukken en de onlogische omstandigheden rondom het bezoek van de partner aan Jordanië versterkten dit oordeel. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid van het huwelijk en de dreiging.