ECLI:NL:RBDHA:2024:12350
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid biseksuele gerichtheid
Eiser, van Senegalese nationaliteit, diende op 19 april 2024 een herhaalde asielaanvraag in met als grond zijn biseksuele geaardheid en de daaruit voortvloeiende problemen in Senegal. De minister wees deze aanvraag op 8 mei 2024 af als kennelijk ongegrond. De rechtbank behandelde het beroep op 23 juli 2024 en oordeelde dat de minister de ongeloofwaardigheid van de biseksualiteit van eiser deugdelijk had gemotiveerd.
Eiser had in eerdere procedures zijn biseksualiteit niet expliciet genoemd en gebruikte aliassen, wat de geloofwaardigheid van zijn verhaal ondermijnde. Daarnaast was Senegal een veilig land van herkomst, met uitzondering voor LHBTI, maar eiser had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij tot deze groep behoort. Zijn inconsistenties over het delen van zijn geaardheid met zijn moeder en het ontbreken van objectieve bewijsvoering, zoals de brief van een vriend, droegen bij aan het oordeel van ongeloofwaardigheid.
De rechtbank verwierp alle beroepsgronden van eiser, waaronder het betoog dat zijn biseksualiteit authentiek en geaccepteerd was. De minister had volgens de rechtbank terecht de verklaringen van eiser kritisch beoordeeld en het beroep ongegrond verklaard. Hierdoor blijft de afwijzing van de asielaanvraag in stand en krijgt eiser geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de afwijzing van de asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid van de biseksuele geaardheid.