ECLI:NL:RBDHA:2024:12371
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen woningsluiting wegens drugshandel
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de burgemeester van Den Haag tot sluiting van zijn woning voor de duur van één maand op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet. De sluiting is opgelegd vanwege het aantreffen van harddrugs, wapens en munitie in en nabij de woning, en het gerechtvaardigde vermoeden dat deze middelen aanwezig waren ter verkoop, aflevering of verstrekking.
De politie trof op 9 en 10 december 2023 onder meer cocaïne in de jaszak van verzoeker, een rugzak met 1000 gram hasj in zijn nabijheid, wapens, munitie en een kogelwerend vest in de woning aan. Getuigenverklaringen bevestigen frequente aanloop van verdachte personen bij de woning. Verzoeker heeft deze feiten niet betwist.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting en dat deze maatregel noodzakelijk is ter bescherming van het woon- en leefklimaat en het herstel van de openbare orde in de wijk Bouwlust, een gebied met diverse maatschappelijke problemen. De termijn van één maand is evenwichtig en niet onevenredig bezwarend.
Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het bezwaar geen redelijke kans van slagen heeft. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de woningsluiting wegens drugshandel wordt afgewezen.