ECLI:NL:RBDHA:2024:1242
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tijdelijke bescherming vreemdeling
Verzoeker heeft bij besluit van 18 april 2023 te horen gekregen dat hij niet in aanmerking komt voor tijdelijke bescherming op grond van de Richtlijn tijdelijke bescherming (richtlijn 2001/55/EG). Tegen dit besluit heeft verzoeker bezwaar gemaakt, dat bij besluit van 26 juni 2023 ongegrond werd verklaard. Hiertegen is beroep ingesteld onder zaaknummer NL23.18797.
Verzoeker heeft vervolgens de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter overweegt dat nu de hoofdzaak reeds is behandeld en een uitspraak is gedaan, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom wordt het verzoek afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter D.M. Schuiling en griffier F. Aissa. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.