ECLI:NL:RBDHA:2024:12483
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in zaak verblijfsvergunning asiel
Verzoeker heeft bij de minister van Asiel en Migratie een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister heeft dit verzoek bij besluit van 21 juni 2024 buiten behandeling gesteld. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tegelijkertijd een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met een gerelateerde zaak op 25 juli 2024 behandeld, waarbij verzoeker en zijn gemachtigde niet zijn verschenen. De minister werd vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.
Op dezelfde dag als deze uitspraak is in de bodemzaak uitspraak gedaan, waardoor de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek af, maar veroordeelt de minister wel in de proceskosten van verzoeker, vastgesteld op € 875,00 volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de minister wordt veroordeeld tot betaling van € 875,00 aan proceskosten.