Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker stelde op 20 juli 2023 beroep in tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 28 maart 2022. Tijdens de procedure besloot de minister van Asiel en Migratie alsnog op 27 oktober 2023 de aanvraag van verzoeker in te willigen. Hierdoor trok verzoeker het beroep in en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat verweerder aan het beroep tegemoet is gekomen door alsnog tijdig te beslissen. Op grond van artikel 8:75a van de Awb kan in dat geval proceskosten worden toegekend aan verzoeker. De rechtbank stelde de proceskosten vast op € 437,50, gebaseerd op de standaardpuntenregeling voor beroepskosten met een lichte wegingsfactor.
De uitspraak werd zonder zitting gedaan en de rechtbank veroordeelde de minister tot betaling van de proceskosten. Verzoeker kan binnen zes weken na verzending van de uitspraak een verzetschrift indienen als hij het niet eens is met de beslissing.
Uitkomst: De minister van Asiel en Migratie is veroordeeld tot betaling van € 437,50 aan proceskosten wegens niet-tijdig beslissen.