Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser, V-nummer: [V-nummer] , (gemachtigde: mr. A. Hol),
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, is op 11 juli 2024 door de minister van Asiel en Migratie onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Deze maatregel is opgelegd vanwege het risico dat eiser zich aan toezicht zal onttrekken en de uitzettingsprocedure zal frustreren.
Eiser heeft beroep ingesteld tegen deze maatregel en tevens een verzoek om schadevergoeding gedaan. De rechtbank heeft het beroep op 22 juli 2024 behandeld via telehoren, waarbij eiser aanwezig was in het detentiecentrum te Rotterdam.
De rechtbank oordeelt dat eiser geen rechtmatig verblijf heeft en dat de gronden voor de bewaring, waaronder het niet naleven van de terugkeerplicht en het niet willen terugkeren naar Algerije, voldoende zijn om de maatregel te dragen. Een lichter middel is niet toereikend om de uitzetting te waarborgen. De minister werkt voortvarend aan de uitzetting en er is zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn.
De rechtbank vindt geen persoonlijke omstandigheden die de bewaring onevenredig maken en stelt vast dat de maatregel tot het moment van onderzoek niet onrechtmatig is geweest. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.