Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], V-nummer: [nummer], eiser
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Nigeriaanse asielzoeker, werd geconfronteerd met ernstige bedreigingen en mishandeling door een mensenhandelaar tijdens zijn vlucht naar Europa, waaronder verkrachting. De minister wees zijn asielaanvraag af omdat onvoldoende aannemelijk was gemaakt dat hij bij terugkeer naar Nigeria een reëel risico op ernstige schade liep.
De rechtbank oordeelt dat de minister onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de risico’s niet reëel zijn, mede gelet op het geloofwaardige asielrelaas, de bedreigingen door de mensenhandelaar Matil, en de verstoting door familie en gemeenschap vanwege de verkrachting en de mogelijke toedichting van homoseksualiteit.
De rechtbank verwijst naar jurisprudentie van het Hof van Justitie dat zij een bindende uitspraak kan doen over de toekenning van internationale bescherming na een volledig onderzoek. De rechtbank beveelt de minister aan een nieuw besluit te nemen waarbij minimaal een asielvergunning op grond van artikel 29, eerste lid, onder b van de Vreemdelingenwet moet worden verleend, tenzij uitsluitingsgronden zich voordoen.
Daarnaast krijgt eiser een proceskostenvergoeding van €1.750,-. De uitspraak is gedaan door rechter Thurlings - Rassa en griffier Timmerman en is openbaar bekendgemaakt op 2 augustus 2024.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het afwijzende besluit en beveelt de minister een nieuw besluit te nemen waarbij minimaal een asielvergunning wordt verleend wegens reëel risico op ernstige schade.