Uitspraak
Gezagsuitoefening
Beschikking op de op 10 april 2024 en 20 mei 2024 ingekomen verzoeken van:
[de vader] ,
[de moeder] ,
de gecertificeerde instelling, Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden,
Procedure
- het verzoekschrift (I) namens de vader, ingekomen op 10 april 2024;
- het verzoekschrift (II en art. 223 Rv Pro) namens de vader, ingekomen op 20 mei 2024;
- de brief van 29 mei 2024, met bijlagen, namens de vader.
Feiten
- De vader en de moeder hebben een affectieve relatie gehad.
- Zij zijn de ouders van het volgende nu nog minderjarige kind:
- bepaald dat [de minderjarige] de hoofdverblijfplaats zal hebben bij de moeder;
- het verzoek van de vader tot eenhoofdig gezag afgewezen.
- De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 15 november 2021 [de minderjarige] onder toezicht gesteld van Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden. Deze maatregel is steeds verlengd, laatstelijk bij beschikking van de kinderrechter van 10 augustus 2023 voor de duur van 15 augustus 2023 tot 15 november 2023.
- Bij beschikking van deze rechtbank van 23 juni 2023 is – voor zover hier van belang – :
- bepaald dat [de minderjarige] bij de vader zal zijn:
- De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 15 december 2023 [de minderjarige] onder toezicht gesteld van Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden met ingang van 15 december 2023 tot 15 december 2024. De gecertificeerde instelling heeft hoger beroep ingesteld tegen deze beslissing van de rechtbank.
- Bij vonnis van 14 maart 2024 van de voorzieningenrechter in deze rechtbank is de moeder veroordeeld tot het nakomen van de zorgregeling zoals vastgelegd in de beschikking van 23 juni 2023 van deze rechtbank, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 100,- voor elke keer, dag of gedeelte van een dag dat de moeder de zorgregeling niet nakomt, met een maximum van € 5.000,-.
Verzoek
- aan de vader vervangende toestemming te verlenen, die de toestemming van de moeder vervangt, om [de minderjarige] in te schrijven op de Protestants-Christelijke basisschool [basisschool] te [plaats 1] ;
- de beschikking van 21 september 2021 te wijzigen en te bepalen dat [de minderjarige] haar hoofdverblijf heeft bij de vader;
- de zorgregeling uit de beschikking van 23 juni 2023 te wijzigen, in die zin dat [de minderjarige] bij de moeder verblijft:
- eens in de twee weken van vrijdag uit school tot en met maandagochtend naar school;
- de helft van de vakanties, in onderling overleg tussen de ouders te verdelen, en als de ouders er niet in overleg uitkomen dat [de minderjarige] bij een vakantie van langer dan een week de eerste helft van de vakantie bij de vader verblijft, en bij een vakantie van een week aansluitend op het weekend van de moeder;
- te bepalen dat de moeder een dwangsom verbeurt aan de vader van € 500,- per dag(deel) dat zij de zorgregeling niet nakomt;
- te bepalen dat aan de moeder voor iedere keer dat ze de zorgregeling niet naleeft telkens voor de duur van ten hoogste 24 uur lijfsdwang kan worden opgelegd met dien verstande dat de lijfsdwang niet vaker dan 20 keer ten uitvoer wordt gelegd en te bepalen dat de kosten van de lijfsdwang voor rekening komen van de moeder;
- te bepalen ex artikel 812 lid 2 Rv Pro dat de vader de sterke arm kan inschakelen om de zorgregeling na te komen,
Beoordeling
Beslissing
- eens in de twee weken van vrijdag uit school tot en met zondag 17.00 uur;
- de helft van de vakanties in onderling overleg tussen de ouders, en als de ouders er niet in overleg uitkomen dat [de minderjarige] bij een vakantie van langer dan week de eerste helft van de vakantie bij de vader verblijft, en bij een vakantie van een week aansluitend op het weekend van de moeder, waarbij het wisselmoment op woensdag om 12.00 uur is;