Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[naam eiseres], eiseres V-nummer: [nummer eiseres]
Rechtbank Den Haag
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis. De aanvraag werd ingediend op 3 oktober 2022, waarna verweerder de beslistermijn verlengde tot uiterlijk 1 april 2023. Deze termijn is verstreken zonder besluit, waarna eisers verweerder rechtsgeldig in gebreke stelden en tijdig beroep instelden.
De rechtbank oordeelt dat de beroepen kennelijk gegrond zijn en stelt een nadere beslistermijn van twintig weken vast, gelet op de noodzaak van mogelijk nader onderzoek en herstelverzuim. Tevens legt de rechtbank een dwangsom van €100 per dag op met een maximum van €7.500 en veroordeelt verweerder tot betaling van reeds verbeurde dwangsommen van €1.442.
Daarnaast worden verweerder veroordeeld in de proceskosten van €437,50 en wordt het griffierecht van €184 aan eisers vergoed. De rechtbank wijst het verzoek om griffierechtvrijstelling voor één eiser definitief toe. De uitspraak is gedaan door rechter E.F. Bethlehem en openbaar gemaakt op 7 februari 2024.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en legt een nadere beslistermijn van twintig weken op met dwangsommen.