ECLI:NL:RBDHA:2024:13111
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag mvv wegens ontbreken feitelijke gezinsband in pleegkinderenbeleid
Eisers, een zus en broer met de Eritrese nationaliteit, hebben een aanvraag gedaan voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) als pleegkinderen van een referent die eerder voor hen zorg droeg in Eritrea. De aanvraag werd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid afgewezen omdat eisers niet konden worden aangemerkt als pleegkinderen volgens het pleegkinderenbeleid.
De rechtbank heeft vastgesteld dat de referent onvoldoende heeft onderbouwd dat er sprake is van een feitelijke gezinsband. De zorg voor eisers werd vooral door de moeder van de referent gedragen sinds diens detentie in 2010, en eisers verbleven bij hun grootmoeder. De rechtbank oordeelde dat financiële en emotionele ondersteuning op afstand niet gelijkstaat aan een feitelijke gezinsband.
Daarnaast is geoordeeld dat de belangen van het kind voldoende zijn meegewogen en dat geen sprake is van schending van de hoorplicht, aangezien de referent wel is gehoord. Het beroep van eisers is daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de mvv-aanvraag wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van een feitelijke gezinsband.